Tips voor een goed gesprek met je kind

Deze zes gesprekstips kunnen je helpen:

1. Geef niet meteen je oordeel

Vertel je kind eerst dat je meer wilt weten over gokken. Luister naar hem en veroordeel hem niet. Hij zal het moeilijk vinden om over zijn gokken te praten. Hij is bang dat je bezorgd bent. En hij wil geen preek of verbod. Zorg daarom voor een open houding. Dan bereik je het meest. Je geeft je kind daarmee ook de ruimte om zelf dingen te vertellen. Wil je je mening geven? Dan kan. Maar doe dat pas in de loop van het gesprek.

2. Bespreek niet alleen de nadelen

Het is verstandig om eerst te vragen naar de leuke kanten van het gokken. Dat haalt de spanning uit het gesprek. Daarna komt er vanzelf ruimte om over de nadelen te praten.

3. Zoek uit waarom je kind gokt

Kinderen doen dingen niet zomaar. Ook jouw kind heeft zo zijn eigen redenen om te gokken. Probeer uit te zoeken waarom je kind gokt. Vindt hij het gewoon leuk om te doen? Of gokt hij misschien uit verveling?

4. Bespreek het verschil tussen leuk en gevaarlijk

Benoem wanneer gokken leuk is en wanneer het gevaarlijk wordt. Hoe denkt je kind daarover? Ziet hij het verschil? Laat je kind bijhouden hoe lang en hoe vaak hij gokt. Help hem daarbij.

5. Blijf je kind steunen

Probeer je kind te blijven steunen. Dat is belangrijk voor zijn zelfvertrouwen. Een kind met zelfvertrouwen staat steviger in zijn schoenen. Hij zal sneller ‘nee’ zeggen tegen het gokken. Beloon je kind ook als dat lukt.

6. Stel grenzen en maak afspraken

Geef duidelijk je grenzen aan. Juist in de puberteit heeft een kind regels nodig. Zorg eerst dat jij en je partner het eens zijn over de regels. Maak daarna samen met je kind afspraken. Spreek bijvoorbeeld af wanneer en hoe lang hij mag spelen. Zorg dat er genoeg tijd is voor huiswerk, werk, sport en vrienden. Laat je kind goed meedenken. Dan zal hij zich beter aan de afspraken houden. Denk ook hieraan:

  • Zorg dat de afspraken eenvoudig zijn. 
  • Zorg dat de afspraken haalbaar zijn. 
  • Leg uit waarom jullie afspraken hebben gemaakt. 
  • Check of je kind de afspraken heeft begrepen. 
  • Zeg dat de afspraak altijd geldt. Dus ook op vakantie, na school en in het weekend.